
Samen: niemand uitgesloten
Gelijkheid-diversiteit-inclusie
Wat is het thema van het symposium?
In de dagelijkse praktijk is diversiteit geen uitzondering, maar de realiteit. Tijdens dit symposium brengen we mensen samen die geloven in groei, in mogelijkheden en in het versterken van ontwikkeling — juist ook wanneer dat niet vanzelf gaat. Het symposium is een uitnodiging om anders te kijken, nieuwsgierig te blijven en samen te onderzoeken wat er mogelijk wordt wanneer we gelijkheid, inclusie en diversiteit omarmen.
We verkennen hoe we met elkaar kunnen bouwen aan omgevingen waarin iedereen zich gezien voelt en kan ontwikkelen op een manier die past bij zijn of haar talenten. We kijken voorbij labels en beperkingen en richten ons op wat wél mogelijk is. Ontwikkeling begint bij samen zien wat mogelijk is.
Het programma biedt een rijke mix van wetenschappelijke inzichten en inspirerende praktijkvoorbeelden.
Stichting StiBCO in relatie tot het thema van het symposium
Stichting StiBCO streeft al meer dan 39 jaar voor inclusie & het erkennen van diversiteit, o.a. in het onderwijs, de kinderopvang en de (jeugd)zorg. Haar missie is om bij te dragen aan een samenleving waarin elk mens zich gezien en gehoord voelt ongeacht zijn/haar problematiek en/of beperking. StiBCO ontwikkelt haar ideeën ten aanzien van de realisatie van o.a. inclusief onderwijs niet zozeer op grond van de in het Nederlandse onderwijs gangbare (ortho)pedagogische en didactische uitgangspunten, maar doet dit bewust vanuit andere wetenschappelijke kaders, waaronder de (positieve) ontwikkelingspsychologie. Ook wordt gebruik gemaakt van inzichten uit verschillende domeinen, zoals het onderwijs, de (geestelijke) gezondheidszorg- en de welzijnssector. StiBCO doet dit niet vanuit het idee dat deze inzichten persé beter zouden zijn, maar vanuit het idee dat ze vernieuwingen kunnen bewerkstelligen doordat ze ons blikveld kunnen verruimen, ervaren spanningsvelden in de huidige context kunnen doorbreken en het risico op ‘oude wijn in nieuwe zakken’ kunnen doen afnemen.
Hoe ziet het symposium eruit?
Het symposium bestaat uit drie plenaire lezingen en een ronde waarin u deelneemt aan één deelsessie.
Voor wie is het symposium bedoeld?
Het symposium is bedoeld voor iedereen die in de privé- of professionele sfeer individuen en/of groepen begeleidt bij zijn/hun ontwikkelings- en leerproces en hierbij de talenten en mogelijkheden van dit individu centraal stelt. U kunt denken aan: opvoeders, (pleeg)ouders/verzorgers, pedagogisch medewerkers, medewerkers in de kinderopvang, leerkrachten in het reguliere en speciaal onderwijs, medewerkers van samenwerkingsverbanden, logopedisten, fysiotherapeuten, verpleegkundigen, psychologen, (school)maatschappelijk werkers, jeugdhulpmedewerkers, orthopedagogen, onderwijsinspecteurs, begeleiders van mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke handicap, CJG-, JGT- en sociaal teammedewerkers en andere betrokken mensen.

Programma
09.00 – 09.30: Koffie/thee en binnenkomst
09.00 – 09.45: Opening door dr. Floor van Loo, secretaris Stichting StiBCO
09.45 – 10.50: Lezing: Het tienerbrein in ontwikkeling: over mondelinge taalvaardigheden en de warme executieve functies.
Door prof. dr. Jelle Jolles, vrije universiteit Amsterdam
10.50 – 11.15: Koffie- en theepauze
11.15 – 12.20: Lezing: Evalueren of interveniëren bij kinderen, jeugdigen en volwassenen met specifieke onderwijs- en ondersteuningsbehoeften?
Door prof. dr. Marco Hessels, universiteit van Genève, Zwitserland
12.20 – 13.20: Lunchpauze
13.20 – 14.25: Deelsessies:
- Intelligentie en IQ
- Leerpotentieel en leerpotentieelonderzoek
- Een gewone school waar iets bijzonders gebeurt, wat ook weer heel gewoon is
- Een inclusieve leeromgeving
- Het plezier van leren niet verleren
- Didactisch coachen: Hoge verwachtingen gaan over (n)u
- De goestinggever als bron – Samen bouwen aan inclusief onderwijs
14.25 – 14.50: Koffie- en theepauze
14.50 – 15.55: Lezing: Inclusie maakt onderwijs beter
Door Beno Schraepen, AP Hogeschool, Antwerpen, België
15.55 – 16.30: Afsluiting door Emiel van Doorn, oprichter en bestuurslid Stichting StiBCO
Plenaire lezingen (3)
Lezing 1: Het tienerbrein in ontwikkeling: over mondelinge taalvaardigheden en de warme executieve functies
Door professor dr. Jelle Jolles, Adviespraktijk NeuroPsy & Vrije Universiteit Amsterdam
De lezing zet ‘de lerende leerling’ in een ander perspectief, met een concrete beschrijving van de neuropsychologische vaardigheden die essentieel zijn voor schools leren. Met handvatten voor de onderwijspraktijk.
In deze inspiratielezing gaat prof. dr. Jelle Jolles in op het leren en presteren van leerlingen vanaf de bovenbouw van het basisonderwijs tot en met de adolescentie. Hoewel van kinderen/jongeren steeds meer zelfstandigheid wordt verwacht, zijn zij nog volop bezig met de ontwikkeling van belangrijke neuropsychologische vaardigheden. Vooral de zogeheten ‘warme executieve functies’ spelen daarbij een cruciale rol.
Taalvaardigheid en hogere neuropsychologische functies vormen samen de basis voor schools leren, studiemotivatie, zelfsturing en persoonlijke ontwikkeling. In de lezing komen onder meer het plannen en organiseren, zelfinzicht en zelfregulatie, empathie, het overzien van consequenties en het begrijpen van de intenties van anderen aan bod. Ook wordt ingegaan op de vraag hoe deze vaardigheden zich ontwikkelen en welke rol het onderwijs daarin kan spelen.
Speciale aandacht besteed prof. Jolles aan het belang van mondelinge taalvaardigheid (‘oracy’). Taal is immers niet alleen een middel om te communiceren, maar ook het voertuig van het denken. Door taalvaardigheden en warme executieve functies doelgericht te versterken, kunnen we het leren, denken en de persoonlijke ontwikkeling van kinderen/jongeren duurzaam ondersteunen.
Lezing 2: Evalueren of interveniëren bij kinderen, jeugdigen en volwassenen met specifieke onderwijs- en ondersteuningsbehoeften?
Door Prof. Dr. Marco Hessels, Universiteit van Genève, Zwitserland
Sinds het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (2006) in werking is getreden (2008) is er veel geschreven over de “inclusieve samenleving” waarin elke individu zijn vaardigheden kan ontwikkelen, en zo goed en zo autonoom mogelijk in de samenleving kan participeren. In de afgelopen veertig jaar heeft Marco zelf vaak de nadruk gelegd op het belang van goed onderbouwde, gestandaardiseerde evaluaties van het leervermogen van deze personen. Immers, onderzoek heeft regelmatig aangetoond dat het leervermogen van deze personen nogal eens onderschat wordt, waardoor de succesverwachting van toekomstig leren laag is, en dientengevolge individuele leerprogramma’s niet altijd even ambitieus zijn.
Een belangrijke constatering is echter dat er niet veel zogenaamde (gestandaardiseerde) leertests beschikbaar zijn, en dat deze bovendien weinig concrete informatie opleveren over het actuele leren van de persoon en hoe daarin te interveniëren. In zijn lezing zal Marco ingaan op een andere manier van evalueren, namelijk door middel van gestructureerde interventies waarin inzichten uit de cognitieve wetenschappen geïntegreerd zijn met educatie, en die vanuit een metacognitief perspectief leer- en denkprocessen trachten te stimuleren, met een sterk accent op de transfert van ontwikkelde vaardigheden naar de concrete situatie van de leerpersoon (school, werk, dagelijks leven). Evaluatie wordt aldus verlegd van gestandaardiseerde leertests naar wetenschappelijk onderbouwde leerinterventies.
Marco Hessels studeerde klinische pedagogiek in Utrecht, waar hij in 1993 ook zijn doctoraat behaalde.
Hij werkt momenteel als hoogleraar “éducation spéciale” aan de Universiteit van Geneve. Gedurende zijn veertigjarige carrière is hij als buitengewoon hoogleraar verbonden geweest aan de North-West University in Zuid-Afrika. Hij is oud-president van de International Association for Cognitive Education and Psychology (IACEP), mede-oprichter van het European Network on Psychoeducational Assessment, Intervention and Rehabilitation (ENPAIR) en lid van de wetenschappelijke raad van de European Conference on Psychological Theory and Research on Intellectual and Developmental Disabilities (ECIDD). Marco is editor geweest van het Journal of Cognitive Education and Psychology, associate eitor van Learning Disabilities: A Contemporary Journal and lid van de wetenschappelijke raad van het Journal of Educational Psychology. Daarnaast heeft hij tien jaar zitting gehad in de raad van bestuur van het SGIPA, een instelling in Geneve voor personen met verstandelijke en ontwikkelingsstoornissen. Zijn huidige onderzoek richt zich op evaluatie van leervermogen, metacognitieve interventies en socio-adaptative vaardigheden in inclusief onderwijs.
Lezing 3: Inclusie maakt onderwijs beter
Door Beno Schraepen. Beno is orthopedagoog, coördinator onderzoek van het kenniscentrum Mens en Maatschappij van de AP Hogeschool te Antwerpen. Hij is betrokken bij diverse (inter)nationale projecten die zich richten op inclusie binnen alle levensdomeinen (wonen, werken, vrije tijd, zorg en onderwijs) en is o.a. auteur van ‘Excluses. Wat uitsluiting doet met mensen.’ en ‘Onderwijs ondersteunen’.
Hoe komt het dat het streven naar meer inclusie zoveel onrust teweeg brengt en zo gevoelig ligt? En waar hebben we het eigenlijk over als we het over inclusief onderwijs hebben?
Werk maken van inclusie in het onderwijs botst vaak op een heleboel ja maars: te weinig middelen, dat gaat niet voor dat kind, niet voor…. opgeleid, het welzijn van de leerling, de draagkracht van de leerkracht, Terechte bezorgdheden, maar hebben die te maken met inclusie of met hoe we vandaag onderwijs vormgeven? Het brengt ons bij de essentie: wat is de urgentie van inclusief onderwijs, wat zijn de gevolgen als we het niet doen en… werkt het?
Deelsessies (keuze uit 7 sessies)
Deelsessie 1: Intelligentie en IQ
Door Anouk van Hoogdalem, Pedagogische Wetenschappen, Radboud Universiteit te Nijmegen
IQ scores spelen een grote rol in Nederland. Zowel in de zorg als in het onderwijs kan de IQ-score van een persoon een bepalende factor zijn en heeft deze score soms een slagboomfunctie. Dit betekent dat zorg of onderwijs(ondersteuning) soms niet toegekend wordt als aan een bepaald IQ-criterium niet voldaan wordt. Maar waarom doen we dit eigenlijk zo in Nederland? En belangrijker nog: hoe gerechtvaardigd is dit beleid, als we kijken naar recente wetenschappelijke inzichten? We kijken naar de rol van het IQ vanuit drie tijdsperspectieven: het verleden, het heden en de toekomst. We staan stil bij hoe de eerste pedagogen in Nederland over intelligentie en IQ dachten, hoe de huidige pedagogen denken over de rol van IQ in Nederland en tot slot hoe de focus op IQ zich verhoudt tot inclusief onderwijs en leerpotentieel onderzoek. Omdat ‘intelligentie’ een basaal begrip is, hebben de meeste mensen bewust of onbewust bepaalde opvattingen en overtuigingen over wat intelligentie is. De deelnemers worden dan ook uitgenodigd om stil te staan bij hun eigen overtuigingen en hierop te reflecteren aan de hand van een interactieve werkvorm.
Deelsessie 2: Leerpotentieel en leerpotentieelonderzoek
Door dr. Bart Vogelaar, Ontwikkelings- en onderwijspsychologie, Universiteit Leiden
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat elk kind de kans krijgt om zijn of haar talenten te ontwikkelen?
Dynamisch testen biedt een antwoord. In plaats van alleen te meten wat een leerling al weet, richt deze aanpak zich op het leerproces en het potentieel om verder te groeien en leren. Tijdens het testen wordt ondersteuning geboden, zoals hints of feedback, waardoor zichtbaar wordt hoe een kind/jongere leert en welke begeleiding het meest effectief is. Uit onderzoek weten we dat deze vorm van testen voor veel kinderen/jongeren helpend kan zijn, onder andere als ze kampen met testangst of executieve functies.
Deze manier van toetsen helpt om voorbij te gaan aan vaste labels en verwachtingen. Het maakt ruimte voor kinderen/jongeren die misschien niet direct uitblinken in traditionele toetsen, maar wel een groot leervermogen hebben. Zo draagt dynamisch testen bij aan een inclusieve leeromgeving waarin verschillen niet worden gezien als obstakels, maar als uitgangspunt voor maatwerk.
In deze lezing verkennen we hoe dynamisch testen in de praktijk kan worden toegepast, welke voordelen het biedt voor kinderen/jongeren, begeleiders en leraren, en hoe het kan helpen om gelijke kansen in de zorg en het onderwijs te bevorderen. Ook kijken we naar praktische tips en tricks die zorg- en onderwijsprofessionals kunnen inzetten in hun praktijk met als doel de zorg en het onderwijs inclusief te maken.
Deelsessie 3: Een gewone school waar iets bijzonders gebeurt, wat ook weer heel gewoon is.
Door Berdi de Jonge – van Kraaij, directeur van de inclusieve school De Korenaar in Eindhoven
‘Wat kan inclusief onderwijs toch simpel zijn. Dat dachten wij toen we op schoolbezoek waren bij De Korenaar in Eindhoven. Bij de Korenaar, een reguliere basisschool, zijn namelijk álle kinderen uit de wijk welkom. Bijna iedere school zegt het, maar hier vóélde je het gewoon: ook jij mag er zijn. Kun je accepteren dat er verschillen zijn? Ben je bereid te zoeken naar oplossingen, ook als die buiten je comfortzone liggen? Wat is het geheim van De Korenaar?’ Tijdens deze deelsessie hoort u het verhaal van de Korenaar. Laat u inspireren.
Deelsessie 4: Een inclusieve leeromgeving
Door Gerrit Koster, directeur OBS Het Schateiland in Lekkerkerk
Gerrit is begin jaren negentig zijn onderwijs carrière gestart in het MLK-onderwijs (later SBO) op Rotterdam Zuid en heeft na tien jaar de overstap gemaakt naar regulier onderwijs op diverse scholen in de Krimpenerwaard, sinds 2012 in de rol van directeur. Al die jaren heeft hij een zwak gehad voor de leerlingen bij wie het allemaal niet vanzelf gaat. Hij gaat daarbij altijd op zoek naar de relatie met ieder kind zonder zich te laten leiden door het gedrag of de aanwezige beperkingen. Met pijn in het hart zag hij dat deze leerlingen vaak genoeg door het systeem of door mensen binnen het systeem in de steek worden gelaten. En Gerrit heeft binnen het ouderlijk gezin aan den lijve ondervonden wat uitsluiting op jonge leeftijd doet met mensen en wat het effect is voor de rest van iemands leven. Dit alles vormde uiteindelijk de drijfveer om een inclusieve leeromgeving op Het Schateiland in Lekkerkerk vorm te gaan geven. Zo’n vijf jaar geleden heeft hij samen met het team de eerste stappen gemaakt. Hoe de school het inclusieve pad is gaan bewandelen en welke rol mediërend leren daarin heeft gespeeld daarin neemt hij u graag mee.
Deelsessie 5: Het plezier van leren niet verleren
Door Carla van Deelen, Docent Master EN University of applied sciences Hogeschool Utrecht
Jonge kinderen maken de transitie door van leren vanuit de eigen leerfocus naar het leren focussen op externe bronnen van informatie die hen iets willen leren. Waar de leerfocus ook ligt, de context speelt een grote rol. Een paar voorbeelden van een dergelijke context zijn culturele achtergrond, gezondheid, ruimte voor neurodiversiteit, en sociale veiligheid.
Het is eenvoudiger om aan al die verschillen tegemoet te komen en aan te sluiten bij kinderen door spel het vervoermiddel te maken van al het leren. Spel is namelijk open en er is niet snel sprake van goed of fout. Spel stimuleert verschillende ontwikkelingsgebieden die allemaal met elkaar verbonden zijn. Er zijn geen kunstmatige scheidingen en het kind werkt aan ongelofelijk veel leerdoelen tegelijk.
Om een optimale leeromgeving te realiseren is het goed om een rijke leeromgeving en passende materialen te hebben, maar nog belangrijker is de relatie die de professional die het kind met de spelbegeleider heeft. Is die persoon in staat om bij het spel van het kind aan te sluiten en van daaruit door middel van mediatie het spel en dus de ontwikkeling een boost te geven?
We gaan in deze sessie het spel analyseren en bepalen wat het spelniveau is. Vervolgens gaan we een plan maken waarbij de mediatietechnieken ingezet worden. Zo zien we dan bijvoorbeeld hoe belangrijk mediatie op bijvoorbeeld intentionaliteit is.
De ervaring leert dat als professionals dit beheersen zij de kinderen in 8 sessies weer tot spel en dus tot ontwikkeling krijgen.
Belangrijk voor deze sessie is dat u beeldmateriaal meeneemt van een kind dat niet tot spel komt. Voor dat beeldmateriaal moet wel toestemming van ouders/verzorgers gegeven zijn. Komt u samen dan is 1x beeldmateriaal voldoende.
Deelsessie 6: Hoge verwachtingen gaan over (n)u
Door Lia Voerman, lector Didactiek van Hoge Verwachtingen, Hogeschool Rotterdam
Lia houdt zich vooral bezig met hoe leren in zijn werk gaat. Voor leerlingen en voor docenten. Eerst als orthopedagoog en leraar in het VO, later als lector.
Hoe kun je aan je leerlingen of medewerkers in je gedrag laten zien dat je hoge verwachtingen van ze hebt? Aan de orde komen de verwarring over hoge verwachtingen, de wetenschappelijke achtergrond en vooral de manier waarop je hoge verwachtingen kunt laten zien in je gedrag. De deelsessie begint met een inleiding over de basis voor Didactisch Coachen: de theorie over Hoge Verwachtingen. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de vraag: hoe kun je – in het moment- hoge verwachtingen laten zien aan je leerlingen? Deze vraag wordt zowel vanuit de praktijk als vanuit de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek beantwoord en inzichtelijk gemaakt met behulp van filmbeelden. De deelsessie wordt afgesloten met een oefening in de toepassing van hoge-verwachtingen-gedrag. Het oefenen met feedback volgens de manier van Didactisch Coachen staat daarbij centraal. We gaan verder in op de rol van vragen stellen bij feedback en de manier waarop je situaties in de klas kunt creëren om ook daadwerkelijk feedback te geven.
Deelsessie 7: De goestinggever als bron – Samen bouwen aan inclusief onderwijs
Door dr. Sofie Sergeant, Bijzonder Lector Inclusie en Veerkracht in het Onderwijs, Hogeschool Utrecht
Hoe kunnen we scholen creëren waarin alle kinderen en jongeren zich welkom voelen, kunnen leren én floreren? In deze deelsessie neemt Sofie Sergeant je mee in inzichten, verhalen, praktijkvoorbeelden en onderzoek rond de route naar inclusief onderwijs. De sessie vertrekt niet vanuit een vast recept of pasklare antwoorden, maar vanuit de idee van de “goestinggever”: een uitnodiging om samen nieuwsgierig te blijven, te onderzoeken, uit te proberen en kennis te delen. Vanuit een trans-disciplinair perspectief worden wetenschappelijke kennis, praktijkervaringen, ervaringsdeskundigheid en contextkennis met elkaar verbonden. Deze interactieve sessie wil inspireren, aanzetten tot dialoog en ruimte maken voor co-creatie. Niet alles hoeft vandaag af te zijn; inclusief onderwijs groeit stap voor stap, in verbinding met elkaar. Tijdens de interactieve lezing staat het idee van ‘de goestinggever’ als bron centraal: hoe kunnen opvoeders, begeleiders en leraren zelf, in relatie met hun kinderen/jongeren/cliënten, collega’s en context de motor worden van leren en ontwikkeling? Het wordt een levendige en interactieve lezing waarin ruimte is om mee te denken, te reageren en ervaringen te verbinden aan het verhaal.
Info, kosten en inschrijven
De kosten voor deelname aan het symposium bedragen € 87,50 (incl. lunch, informatiemap en attentie). Inschrijving en betaling (via ideal/wero) gebruik rode knop rechts.
Na ontvangst van het inschrijfgeld krijgt u ongeveer 2 weken voor aanvang een bevestiging met routebeschrijving naar de locatie in Bodegraven.
De locatie ligt op 3 minuten lopen van het NS-station Bodegraven.
Wilt u eventuele ondersteuningsvragen en/of dieetwensen vermelden bij uw aanmelding.
Voor nadere inlichtingen, vragen en/of opmerkingen kunt u contact opnemen met StiBCO:
mail@stibco.nl
0172-652130
Visie op inclusie
Stichting StiBCO
Stichting StiBCO is in 1988 opgericht om een maatschappij te creëren waar eenieder zich gezien en gehoord voelt ongeacht achtergrond, problematiek of beperking.
Al sinds 1988 jaar staan we statutair voor inclusie en inclusiviteit. Ons uitgangspunt is dat inclusie tot persoonlijk groei leidt, omdat degenen die worden buitengesloten, ontwikkelingskansen mislopen.
Visie van de stichting StiBCO op inclusie
- Inclusie betekent toenemende participatie van elk individu in de samenleving.
- Een inclusieve samenleving is een samenleving waarin iedereen optimaal kan deelnemen. Maakt niet uit wat je leeftijd, culturele achtergrond, gender, inkomen, seksuele voorkeur, talenten of beperkingen zijn. Iedereen kan op een gelijkwaardige manier meedoen in clubs en verenigingen, op de arbeidsmarkt, op school, in de buurt en in de woonomgeving.
- Werken aan een inclusieve samenleving betekent het gezamenlijk vormgeven aan een samenleving, scholen, klassen, wijken, clubs en arbeidsmarkt waar iedereen optimaal kan deelnemen en tot bloei kan komen.
- Je past de samenleving aan. En die ben je met elkaar.
Inclusie is een keuze
- Toegankelijkheid, gelijkheid en diversiteit zijn voorwaarden.
- Inclusie creëer je met z’n allen.
- Iedereen heeft een individuele verantwoordelijkheid in het accepteren van en zich verplaatsen in de medemens en daarmee ook in het realiseren van een inclusieve en veilige omgeving.
- Inclusie vergt inzet zowel van een meerderheid als een minderheid.
- Inclusief denken en handelen vraagt om een ‘paradigmawisseling’.
- Allereerst voor diegene die ervan uitgaat dat inclusie er voor de ander is. Het is van toepassing op iedereen. Inclusief jezelf!!
Erkenning van de diversiteit
- Groeien naar een inclusieve gemeenschap gaat niet zonder de erkenning van de diversiteit ervan.
- Mensen zijn verschillend op te onderscheiden vlakken. Zoals sekse, huidskleur of lichamelijk. Maar ook in minder zichtbare verschillen zoals cultuur, seksuele voorkeur, politieke overtuiging, belastbaarheid of persoonlijkheid.
- Iedereen mag daarentegen gezien worden, tegelijk gelijkwaardig deelnemen aan de samenleving en een eerlijke kans krijgen.
- Niemand zou aan de zijlijn mogen staan in een gemeenschap waar tegen elkaar is uitgesproken dat men inclusief wil zijn.
- Het mooie is in het groeien in inclusiviteit dat je niets verliest maar er een waarde bijkrijgt.

